Bali

Mijn lange reis vanuit NZ brengt me, eerder dan verwacht, in Bali. Nu moet ik mezelf hier vermaken voor ruim twee weken terwijl ik wacht op mijn lieve vriendin om daarna samen Bali te verkennen.

In mijn eerste twee dagen wordt het verschil tussen Indonesië en Nieuw-Zeeland al duidelijk. Zo verblijf ik voor 14 euro per nacht in een hotelkamer op een kilometer van het vliegveld met enorm twee persoons bed, flatscreen tv met ruim 50 zenders en grote inloopdouche. Dit in een hotel met super zwembad zoals gezegd nog geen kilometer van het vliegveld en ik word zelfs aangesproken als Mr Jansen. Take that NZ you money robbing but awfully beautiful country. In Nieuw-Zeeland had ik namelijk geluk als ik voor 25 euro voor een nachtje een bed in een 8 persoons slaapzaal kon krijgen. Daarnaast is het eten wat ik daar zelf moet koken, omdat ergens eten te duur is, vaak nog duurder dan het eten wat je hier ergens haalt. Begrijp me niet verkeerd ik vond Nieuw-Zeeland geweldig maar mijn portemonnee vond het daar iets minder leuk. Verschil moet er wezen zullen we maar zeggen.

Na dit tweetal dagen in Kuta vertrek ik in de bus naar Lovina op zoek naar ‘papa Jan’ of voor mijzelf ‘ome Jan’. De broer van mijn oma die hier al enige jaren zijn dagen doorbrengt, de mazzelaar. Dat zoeken is gelukkig niet te moeilijk aangezien ik opgehaald word bij het busstation, scheelt weer wat. Het is alweer een heel aantal dagen en maanden geleden dat ik deze beste man gezien heb en de eerste keer dat ik hem in zijn huis mag bezoeken. Een week lang mag ik het rustige Indonesische leventje ervaren in huize Maassen. Naast het warme onthaal van mijn oom en zijn Balinese familie krijg ik ook nog eens de lekkerste maaltijden voorgeschoteld die een backpacker, of wie dan ook, zich kan wensen. Ik krijg hier de kans een weekje geen tourist te zijn, of iets minder tenminste. De kans de lokale mensen te leren kennen en ervaren hoe zij leven. Iets wat ik zeker heel erg waardeer.

Dat ze in Bali en de rest van Indonesië arm zijn dat zullen velen van jullie al wel weten, ondanks dat je daar misschien niet altijd veel van ziet als je een land zoals Indonesië bezoekt. Nu ik hier bij mijn oom verblijf krijg ik echter de kans dit wel eens te zien. Namelijk in het dorp van de Balinese familie. En dit was, op zijn zachts gezegd, erg indrukwekkend. Hoe deze mensen leven met weinig en mijn oom en mij toch onthalen met enorme glimlachen, handjes schudden en het gewoon super erg waarderen dat mijn oom en ik deze plek bezoeken. Mijn oom is hier natuurlijk al vele keren geweest maar ook ik word behandeld alsof ik hier al jaren kom. En dat dat onthaal van mensen met zo weinig kan komen terwijl wij in Nederland blij moeten zijn als er een glimlach van die passerende vreemdeling mag komen ,laat zien dat wij misschien wel meer hebben maar nog veel kunnen leren van deze lieve mensen. De belangrijkste les die we hieruit halen? Lachen en vriendelijk zijn voor je medemens kost niets meer dan een klein beetje moeite!

Na een fantastische relaxte week vertrek ik weer terug naar het zuiden van het eiland om nog een paar dagen met mijn goede vriendin Sarah door te brengen, voornamelijk surfend. Erg leuk maar ook vooral heel bijzonder dat ik zoveel reizende vrienden heb dat ik tot nu toe regelmatig een bekend gezicht heb kunnen zien op reis. 

Eindelijk is daar dan toch het moment waar ik al een tijdje op wacht, Nikee is er! We vertrekken samen direct naar Ubud waar we s’avonds laat pas aankomen. Het leuke daarvan is dat we de volgende ochtend wakker worden om dan pas te zien wat een fantastisch uitzicht we op de bekende rijstvelden hebben! Het lijkt wel oneindig door te gaan en de palmbomen tussen de rijstvelden met de bergen op de achtergrond maken het tot een fantastisch plaatje. Het hotel is voor ons gevoel helemaal leeg op ons na wat ons een soort van enorm prive resort geeft.
Maar hoe leuk het hotel ook is de eer van hoogtepunt in Ubud gaat naar het Ubud sacred monkey forest. Een plek waarover ik vooral negatieve dingen hoor. De apen zouden brutaal zijn, in tassen en broekzakken graaien en zelfs de ritsen van je tas openmaken. Nu ik er zelf geweest ben kan ik me deels wel voorstellen dat sommige mensen zich zo voelen. Maar ik moet ook daarbij zeggen dat de mensen waarbij ik zag dat apen in tassen en zakken gingen graaien er zelf ook wel om vroegen. Die apen lopen daar al wat jaren rond met elk jaar duizenden toeristen om ze heen. Ze weten precies wanneer je iets van eten bij je hebt en hoe ze daarbij moeten komen. Daarom moet je dat natuurlijk ook niet doen. Welke pannenkoek gaat dan bijvoorbeeld ook met bananen in ze zak het park in en dan verwachten dat ze dat niet weten. Ja dan gaan ze in je zak graaien ja maar is dat dan de aap zijn schuld?

Anyway Nikee en ik komen voorbereid in het bos met zo min mogelijk in de tas en zeker niet dingen als een zonnebril op, dat is vragen om problemen. Met deze simpele voorzorgsmaatregelen hebben wij geen enkel moment last gehad van de apen en een fantastische ervaring gehad. We genieten van de rondrennende en soms bijna vliegende apen in het bos. In totaal zitten er in het bos ruim 670 apen dus je zult er tijdens je bezoek genoeg tegen komen zoals wij dat ook hadden. En de kans dat er een keertje eentje op je rug of schoot springt is ook zeker aanwezig. Echt een dikke vette aanrader!

Onze scooter brengt ons vervolgens naar een vrij bekende waterval in deze omgeving. We zijn namelijk niet de enige in deze waterval, we delen de waterval namelijk met nog zo’n 30 mensen in het water. Maar dat maakt de waterval niet minder mooi. Oké misschien een beetje minder mooi maar nog steeds is het een indrukwekkende waterval! En het daagt ons uit wat creatiever te zijn met foto’s maken om er zo min mogelijk mensen op te krijgen, ook best leuk! Het water komt met enorme hoeveelheden tegelijk naar beneden vallen in het ‘bad’ wat een soort van natuurlijk golfslagbad met enorme stroming creëert. Meer als ik bij andere watervallen gezien heb! Een goede afsluiting van deze leuke dag en onze laatste dag in Ubud.


Op aanraden van een kennis gaan we naar Pemuteran om Mejangang eiland te bezoeken waar het snorkelen (en duiken schijnbaar ook maar dat weten we niet uit ervaring) geweldig zou moeten zijn. En inderdaad, het snorkelen is bizar mooi. Het koraal in dit nationaal park is vrijwel volledig intact op de meeste stukjes en het aantal vissen dat hier rondzwemt is adembenemend. De kleuren waar de visjes mee pronken lijken van een andere wereld te komen. En zo voelt het ook als je hier snorkelt, en eigenlijk over het algemeen met snorkelen, alsof je in een andere wereld ondergedompeld wordt. Een heerlijk gevoel waar ik maar geen genoeg van krijg en ook hier weer volop van geniet.

Wat leuk is aan Pemuteran is dat ze voor het strand van het dorpje zelf (Menjangang is een eiland voor de kust dus niet het dorp zelf) ook bezig zijn met een koraal ‘maken’. Dit is een erg nobel initiatief om ervoor te zorgen dat er weer meer levend koraal in de kwetsbare zeeën komt er en daardoor meer leefruimte voor de vissen. Dit hebben ze gedaan door verschillende installaties in het water te plaatsen die ze door middel van kleine elecktrische schokjes laten groeien. Blijkbaar kan dat dus en het werkt want je kan duidelijk zien dat er iets aan gaande is en dat er koraal groeit en er is al een enorme hoeveelheid vissen aanwezig. Plus een voor Pemuteran!! We sluiten Pemuteran af met een heerlijke kerstavond in een leuk restaurant. Niet de eerste kerst zonder sneeuw, wel de eerste kerst in me korte broek buiten! 😉

De volgende bestemming is Lovina, waar ik eerder dus al een weekje was. En net als vorige keer breng ik weer veel tijd door in huize Jan, maar deze keer samen met Nikee natuurlijk. Eindelijk krijg ik de kans om Nikee “es buah” te laten proeven, waar ik al een tijd over vertel via de telefoon. Want lieve mensen, es buah is iets wat niet gelaten mag worden bij een bezoek een Bali. Wat het is? Ga maar naar Bali en vraag erom, ik denk dat je er geen spijt van zal krijgen. Alhoewel het niet in elk deel van Bali hetzelfde is en degene die ik hier bij ome Jan krijg veruit de lekkerste is!

Een bekende activiteit in Lovina is het dolfijnen kijken. Zo populair is het zelfs dat in plaats van de hele tijd ‘taxi taxi transport sir’ te horen we nu alleen maar ‘dolphin cruise maybe’. Nou heb ik in Nieuw-Zeeland dolfijnen gezien en dat was een van de mooiste ervaringen van mijn leven dus ook hier kunnen we het niet laten dit toch te doen. Het idee is erg leuk, je wordt s’ochtends rond 6 uur in een bootje gezet en gaat dan het water op waar de dolfijnen langs zullen zwemmen in de ochtend. Maar de uitvoering daar ben ik wat minder van te spreken.

Ik ben helemaal voor het supporten van de lokale bevolking door middel van tourisme maar hier wordt het wat extreem. Met ons bootje liggen er namelijk nog zo’n 20-30 in het water en ondanks dat we dolfijnen zien (best een hoop ook) voelt het toch wat gek omdat elke keer dat ze bovenkomen al deze bootjes er als een gek op af gaan. Dit resulteert in een situatie waarin iedereen hoopt als eerste de dolfijnen te zien, wat wij door onze goede bestuurder best wat keren hadden, dan snel even te genieten en foto’s maken voordat iedereen het ziet en ze weer onderduiken door alle boten dier eropaf komen. Desondanks hebben we een groot aantal dolfijnen gezien en dat was toch wel weer erg leuk en bijzonder, ookal vind ik dus wel dat dit eigenlijk op een andere manier moet.

Kort daarna scooteren we naar de aling aling waterval. Eentje waarvan we hoge verwachtingen hadden maar die toch wel tegenviel toen we er aankwamen. Wij waren namelijk op zoek naar een wat minder toeristische waterval dan degene die we eerder al zagen en de gitgit waterval die hier heel bekend is bijvoorbeeld. Maar deze bleek toch ook al toeristisch en zo was het daarom verboden om in te zwemmen zonder ‘guide’ waarvoor je natuurlijk tien keer zoveel betaald. Wij mogen daarom alleen kijken en vertrekken daarna naar een andere waarover we gelezen hadden. Ondanks dat we niet mochten zwemmen en het snikheet was, was het zeker wel een hele mooie en indrukwekkende waterval.

Omdat ik zo’n te gekke navigatie expert ben denk ik dat het wel leuk zal zijn om niet dezelfde weg terug te gaan maar juist verder de berg op te gaan op zoek naar nog een waterval. Niet veel later rijden we over een veel te stijle grintweg omdat het asfalt helemaal kapot is. Niet echt een optimale situatie voor de scooter die er dan ook erg veel moeite mee heeft. Maar koppig als we zijn, we zijn tenslotte al zover de berg op, zetten we door. Na twintig minuten bergop over dit slechte hobbelige wegdek komen we bij een bocht waarna de weg weer naar beneden gaat, maar geen waterval. Hoe goed het vervolgens voelde toen we een van de mooiste uitzichten over het gebied kregen is onbeschrijfelijk. En niet alleen het uitzicht was mooi, er lagen om de weg die we naar beneden reden heen alleen maar rijstvelden. De mooiste die ik ooit gezien heb (ik heb er totaal niet veel gezien maar toch!). Rijstvelden die niet in de lonely planet staan en haast geen toeristen zullen zien als ze hier zijn want niemand die deze random berg oprijdt. Maar wat zijn wij blij dat we dat toch gedaan hebben want het is echt onvoorstelbaar mooi. Geinig is ook de blikken op de gezichten van de mensen die er aan het werk zijn die waarschijnlijk nog nooit daar een toerist gezien hebben.

Maar we hadden nog een waterval te bezoeken dus we springen weer op ons tweewielig bullebeest op zoek naar de andere waterval. Maar om hier te komen scooteren we eerst ruim een uur over de hoofdweg tot we in het midden van het eiland bij de twin lakes komen waar we eerst even lunchen. Na nog even kort zoeken vinden we uiteindelijk het zijstraatje waar we in moeten. In tegenstelling tot andere bekendere watervallen wordt deze maar met een klein bordje aangegeven. De kans dat mensen deze dus toevallig tegenkomen en een kijkje gaan nemen is denk ik vrij klein. Maar ook nu we het zijstraatje gevonden hebben zijn we er nog niet. Eerst moeten we nog tien minuten over een weg gemaakt uit cementblokken waarvan de helft kapot is rijden. We rijden langs verschillende  huisjes waar de mensen ons ofwel uitlachen of toelachen. Allebei is natuurlijk goed want het ziet er waarschijnlijk ook erg komisch uit twee toeristen die met veel moeite die kapotte weg berijden.

Eindelijk komen we dan bij een parkeerplaats, ofwel iemands huis waar we voor een kleine vergoeding de scooter mogen neerzetten. En als je dacht dat je er dan bent, dan heb je het fout. Vanaf hier was het nog een tien minuten lopen tot de ingang waar tot mijn verbazing ook nog eens vier mannen zitten te kaarten en de entree innen. Hij bestaat dus wel echt haha. Hierna is het nog een paar minuten naar beneden klauteren waar we langzaam maar zeker steeds meer geluid horen in deze groene vallei die we in lopen. En uiteindelijk zien we daar dan waar we voor kwamen. Een enorme waterval in een prachtige groene vallei. Letterlijk overal om en in de waterval is het groen en ongedeerd door mensen. En het mooiste van dit alles? We hebben de waterval bijna voor onszelf. Om precies te zijn waren er twee andere mannen die niet meer aan het zwemmen waren waardoor we de waterval zelf dus echt helemaal voor onszelf hadden. Die mannen kwamen zelfs wel goed uit want zei hebben die mooie foto’s gemaakt! Een heerlijke tijd beleven we in het frisse water. Echt een bijzondere plek die ik, ondanks de moeite er te komen, heel erg kan aanraden aan een ieder die naar Bali gaat! Een betere manier om een dagje door te brengen dan bij een van de best bewaarde geheimen van Bali samen met je vriendin kan ik zo snel niet bedenken.

Uiteindelijk moesten we toch weer terug uiteraard want we hadden nog een lange weg te gaan. We nemen een andere weg dan de heenweg want die zou sneller zijn volgens de navigatie. Als we wisten dat we weer op een betonstenen kapotte weg zouden komen die veel te stijl en bochtig naar beneden gaat met een ravijn ernaast hadden we uiteraard een andere weg genomen. Maar dat wisten we niet dus daar gingen we dan. Niet veel later gebeurt iets wat minder grappig was, de rem hield ermee op. En we weten allemaal wel dat remmen vrij essentieel zijn als je een stijle kapotte weg naar beneden rijdt met een afgrond na elke bocht. Gelukkig kunnen we optijd stoppen en na vijf minuten doen de remmen het wonderbaarlijk weer. Deze keer gaan we nog langzamer dan we al gingen voor het geval ze weer geen zin hebben, en dat gebeurt ook meerdere keren. Een rit die misschien twintig minuutjes zou kunnen duren over dit pad kost ons ruim een uur.

Uiteindelijk komen we weer op een soort van normale weg waar de rem er weer mee kapt, maar hulp is daar! Althans een oude man gebaart ons met hem mee te lopen alsof hij weet wat er aan de hand is. Maar omdat hij geen Engels kan en ik niet helemaal begrijp wat hij nou wilt, plus dat de scooter niet van mij is, ben ik wat achterdochtig. Gelukkig spreekt zijn dochter Engels en uiteindelijk heeft hij binnen twee minuten de remmen gemaakt. Alhoewel het niet zozeer gemaakt hoefde te worden. Want wat was het probleem nou? De remmen waren oververhit en een beetje water eroverheen doet wonderen. Als we dat nou een paar uur eerder wisten… We springen weer op onze scooter want ondertussen is het al bijna donker en begint het ook nog eens te regenen. We komen uiteindelijk heelhuids thuis na een lange vermoeiende leuke maar toch ook spannende dag.

De laatste dag in Lovina bezoeken we de warmwaterbronnen en een mooie tempel voordat we afscheid nemen van Jan en de Balinese familie. De gastvrijheid die we hier hebben ervaren is fantastisch en heeft onze Bali trip nu al een onvergetelijke ervaring gemaakt en we hadden nog wat dagen te gaan!


Hierna volgt Amed, een plek vooral bekend als een van de twee plekken op Bali van waar je de boot naar de populaire Gili eilanden kan pakken. Maar ook het plaatsje zelf heeft zijn charmes. Het is niet zozeer heel druk wat natuurlijk aan het seizoen kan liggen maar het plaatsje zelf straalt ook rust uit. Het zwarte strand is niet uniek in Bali maar toch blijft het iets aparts hebben. Mt Agung op de achtergrond maakt het hier echter wel heel gaaf. Het water is vol met vissen en iets van ons hotel vandaan is een heel mooie snorkel spot. Genoeg te doen dus in Amed! Dit is voor ons ook de plek waar we oud en nieuw doorbrengen met een heerlijke diner op het strand. Een oud en nieuw op het strand in me korte broek is alweer iets nieuws maar zeker heel erg leuk en wat een manier om het jaar af te sluiten en een nieuwe te beginnen!

En dat nieuwe jaar wordt vrij snel daarna vervolgd buiten Bali op een van de Gili eilanden. Deze liggen op zo’n 40 minuten varen vanaf Bali naast Lombok. Het zijn er drie waarvan de populairste Gili Trawangan is waar vooral veel gefeest wordt. In het midden ligt het rustigste eiland Gili Meno en daarnaast ligt het eiland dat volgens ons een beetje het beste van beide heeft, Gili Air. Dat is ook degene waar wij heen gaan dus!

De sfeer op het eiland is erg relaxed en omdat auto’s en scooters hier niet aanwezig zijn is het erg rustig. Wel is het enorm toeristisch en dus vol met vrij dure restaurantjes en hotels. Toch hebben we het erg naar ons zin en de eerste activiteit die we doen is snorkelen. Het snorkelen is enorm goedkoop en later blijkt ook waarom. De snorkels en flippers zijn niet van erg goede kwaliteit en net als bij het dolfijnen kijken is het erg druk. 

De eerste van vier spots is er een waar veel zeeschildpadden zitten en zodra we de eerste zien stormt iedereen op het arme beest af en schiet deze natuurlijk de diepte in. Nikee en ik scheiden ons dan ook vrij snel van de groep af en zien met ze tweeen nog een aantal schildpadden die niet doodsangsten uitstaan. Het blijft een prachtig gezicht hoe deze dieren door het water zweven en zo relaxed eruit zien. Al met al een leuke dag met veel snorkelen op ‘oke’ spots maar niets geweldigs op de schildpadden na.


We hebben een vooral heel relaxte tijd op Gili Air zowel in als uit het water. Wanneer we terugkeren naar Bali eindigen we in Candidassa. Een klein rustig stadje in het oosten van Bali. Hoogtepunt hier was een enorm mooi strand maar meer dan dat was het dan ook niet. En mooi stand doet wellicht een beetje te kort aan de schoonheid van dit strand maar dat mag je zelf bepalen… 😉

 

De laatste tijdbrengen we door in een kleine prive-villa in Denpasar voordat we beide onze eigen weg gaan. Maar niet voordat we samen nog de Uluwatu tempel in het uiterste zuiden van Bali bezoeken. De tempel die op een hoge cliff zit is erg indrukwekkend en zeker de moeite waard. De zee onderaan de cliff zorgt namelijk voor een aprte samenstelling. 

Diezelfde dag bezoeken we ook de Tanah lot tempel. Nog een indrukwekkende tempel op een cliff maar deze keer ook nog eens los van het vaste land dus op een soort van mini eilandje. De tempel zelf kan alleen tijdens low tide bereikt worden. Vooral tijdens zonsondergang is het een populaire plek wanneer het licht voor een waar kleurenfestijn zorgt met de tempel in de voorgrond. We hebben een heerlijk avondmaal pijl tegenover de tempel met een ondergaande zon op de achtergrond. Wat een manier om dit deel van mijn reis af te sluiten… en wat voor een deel! Een fatastisch mooie reis samen door het prachtige Bali. Ik denk dat we alles eruit hebben gehaald en de mooiste plekjes in Bali gezien hebben, dankjewel lieverd!! 🙂

  

Advertisements

One thought on “Bali

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s